Ik heb last van keuzestress. Zoveel zorgpolissen om uit te kiezen: restitutiepolis, naturapolis, totaalpolis, gezinspolis, jongerenpolis, vrouwenpolis, vegapolis. Maar geen één verzekering die de ik-weet-het-niet-polis aanbiedt. En dan heb je ook nog de keuze tussen 'Zorg Goed', 'Zorg Beter' of 'Zorg Best'. Maar als je kiest voor goede zorg, waarom zou het dan beter moeten? Of moet ik het interpreteren als: 'Zorg Duur', 'Zorg Peperduur' en 'Zorg Onbetaalbaar'?
Twee weken geleden realiseerde ik mij dat het niet verkeerd is om de zorgverzekeringen eens te vergelijken. De decembermaanden zijn al duur genoeg. Waarschijnlijk is het handig om mijn aanvullende zorgverzekering op te zeggen en alleen te betalen voor de basisverzekering en tandheelkundige verzekering. Maar...
Bij mijn huidige verzekering blijkt dat je aanvullend verzekerd moet blijven om gebruik te blijven maken van de tandartsverzekering. Ongelooflijk. Het is alsof je in een winkel een leuk truitje ziet hangen wat je ontzettend graag wilt. Echter: om dat truitje te kunnen kopen moet je verplicht een ander kledingstuk erbij kopen waar je niets aan hebt. En dat stomme kledingstuk heet dan: 'Zorg Duur'.
Ik oriënteer me helemaal suf. Surf vergelijkingssites af. Vraag veelvuldig aan mijn vrienden: 'Hoe ben je verzekerd en waarom?' tot ze zeggen dat ik minder moet zeuren. Ik speur naar kleine lettertjes in de polissen van Univé, CZ, Menzis, ASR, Ohra, De Friesland, VGZ, Delta Lloyd en Kruidvat. Maar aanvullende verzekeringen blijken vaak te duur, niet concreet genoeg, te weinig vergoedingen te bieden of vertonen een combinatie van dit alles.
'Ik stap over,' laat ik René weten.
'Wat is de meerwaarde?' vraagt hij.
'Die verzekering van de andere maatschappij is beter voor mijn tanden,' zeg ik met een smile.
'Ja, maar je betaalt dan ook bijna net zoveel premie als dat ze maximaal vergoeden. Áls ze het vergoeden,' merkt René op.
Mijn lach sterft en ik zeg: 'Ik ga verder kijken.'
Ik zoek een andere verzekering op en dit gesprek herhaalt zich een aantal keren.
Ik word er niet vrolijker op.
'Je draaft een beetje door,' merkt René fijntjes op. Het is 2.00 's nachts.
'Niet waar, het is belangrijk om financiële zekerheid te hebben. Als mijn gebit wordt verbouwd dan is het fijn om te weten dat het vergoed wordt.'
'Wie zegt dat jouw gebit verbouwd moet worden dan?'
'Nou, niemand eigenlijk. Maar het zou toch kunnen?'
René zucht: 'Ja, maar zelfs als dat gebeurt, dan moet je toch nog een deel zelf betalen. Veel verzekeringen vergoeden tot een maximaal bedrag en soms een percentage. Dat weet je toch?'
'Jahaa, je wordt bedankt. Nu weet ik nog niet wat ik moet...'
Na twee weken te hebben gegraven in verzekeringspapieren ben ik van mening dat een tandartsverzekering in lang niet alle gevallen zin heeft: of je betaalt naar verhouding veel premie of je komt niet altijd in aanmerking voor bepaalde vergoedingen. Vandaar dat ik nu denk dat het beter is om alleen voor de basisverzekeringen te gaan en al mijn aanvullende verzekeringen op te zeggen. Dat scheelt een hoop premie en van dat bespaarde geld kun je weer nieuwe zorg inkopen.
Toch blijf ik die keuzestress ervaren: neem ik een andere verzekeraar, moet er toch nog niet 'iets' bijverzekerd worden of is het misschien beter om wat spaargeld te bewaren in een oude sok voor 'het geval dat'? Één ding weet ik wel. Keuzevrijheid in de zorg geeft mij geen gezond gevoel.

Mijn spaarsok hangt al klaar.