
De tijd gaat belachelijk snel. Hoewel de kalender aangeeft dat het bijna Pasen is, zaten we voor mijn gevoel vorige week nog aan de oliebollen en heb ik gisteren op natuurijs geschaatst. Het moment waarop ik afstudeerde is volgens mijn brein nog maar één jaar geleden in plaats van zes. Zelfs mijn eenentwintigste verjaardag lijkt nog niet zo heel ver terug, hoewel mijn spiegel iedere ochtend de harde realiteit weergeeft: ik ben de twintiger jaren duidelijk gepasseerd.
Ik kan er niet meer omheen; mijn jeugd is voorbij. Het is tijd om volwassen te worden. Weten waar ik sta in het leven. Mijn toekomst uitstippelen. Superwoman worden. Zo snel mogelijk, want voor je het weet breekt de Tena Lady-fase aan en is het te laat.
Zoveel te doen in zo weinig tijd... En alsof dat niet erg genoeg is, is afgelopen weekend ook nog de zomertijd ingegaan. Weer een uur minder; nu moet ik nog harder achter de feiten aanrennen.
Ik besef dat ik hopeloos achter op schema ben; mijn levensdoelen zijn nog lang niet bereikt. Het is alsof de wereld veel harder draait dan ikzelf. Maar is dat eigenlijk erg? Ik weet het niet. Ik weet alleen dat ik het zonde vind wanneer ik alleen maar zou doorrennen. Dat ik geen moment zou hebben voor stilte, bewondering, verbazing, ergernis, bezinning of plezier. In het leven gaat het er volgens mij vooral om dat je de tijd kunt nemen om te leven; niks meer en niks minder.
Naast dat het niet verstandig is om 's ochtends vroeg in de spiegel te kijken, denk ik dat het belangrijk is om me minder druk te maken over de doelen die ik nog niet heb behaald. Volwassen worden kan altijd nog... Ik neem de tijd.