Ik geef het toe: ik ben niet stoer. Als kind huilde ik tranen met tuiten toen ik de perikelen van Bambi en Dumbo volgde. Geschokt was ik toen ik, eenmaal volwassen, de barre omstandigheden aanschouwde waaronder de konijnen van Watership Down moesten leven. Overigens is de originele versie van deze tekenfilm niet geschikt voor kinderen -datzelfde geldt voor de meeste Disneyfilms- en dat vind ik ook als orthopedagoog.
Vanaf mijn vijfde levensjaar hoor ik al dat ik té gevoelig ben; mede omdat ik me soms geraakt voel door situaties en mensen. De zin 'Je moet meer eelt op je ziel krijgen' kan ik dromen. Ik hoorde het op school, tijdens evaluatie-gesprekken, bij stages en zelfs op kantoor.
Al met al heb ik genoeg ervaringen om een flinke laag eelt op mijn ziel te hebben, maar blijkbaar ben ik er niet zo goed in om eelt te kweken. Eigenlijk ben ik alleen maar stoer wanneer ik mijn handen in mijn zakken houd en verder niks zeg of doe. Ook moet ik bekennen dat ik Pinocchio nog steeds een enge Disneyfilm vind...
Maar ik heb daarnaast ontdekt dat ik het prima vind zo. Ik heb nooit eelt op mijn ziel gewild en ik ga daar ook niet meer naar streven. Het gevaar van eelt is namelijk dat het ongevoelig maakt: het maakt minder uit wat er dan gebeurt in je leven, het doet je minder. Het gevaar voor mij is vervolgens dat ik verander in een cynische, chagrijnige en irritante dame. Geen eelt maakt dat ik menselijk blijf reageren op situaties. Dat ik mezelf kan zijn met al mijn gevoeligheden en gedachtekronkels.
Laat mij maar een watje blijven. Het zorgt voor ontroering, dat ik blijf lachen, dat ik mezelf kan verbazen en dat er momenten zijn voor verwondering. Laat al die eelt-predikers maar preken. Ik leef zonder eelt op mijn ziel en juist daarom heb ik het gevoel dat ik leef!

Konijntje in Stockholm